Je peuter een moeilijke eter? Lees deze 10 tips!

categorie afbeelding
post afbeelding

‘Mama, dat lust ik niet’. Een fase waar bijna elke ouder wel een keer mee te maken krijgt. Veelal als je kindje rond de 2 jaar is. Het is een fase en gaat weer voorbij. Maar als je er midden in zit, is het toch wel fijn als je kind weer gewoon zin heeft in eten.

10 tips praktische tips

Speel met variaties en combineer eten
Iets wat je kind niet lekker vindt, gaat er makkelijker in als je het combineert met iets dat hij wel lekker vindt. Soms werkt het ook om iets op een andere manier klaar te maken. Wil de broccoli er zo niet in? Dan misschien wel door de pastasaus of met een frisse yoghurtdip erbij. Gekookte wortel het vieste wat er is? Probeer het eens geraspt met een paar rozijntjes of door de stamppot. Zoek ter inspiratie onze recepten door op het gevreesde ingrediënt. Eten ‘maskeren’ met bijvoorbeeld appelmoes kun je beter niet doen. Zo proeft hij niet meer de pure smaak van het eten.

Kleed het eten leuk aan
Het bord ‘aankleden’ doet een hoop. Een leuk lepeltje, een liedje, een mooi bord, eten in een leuk vormpje of maak bijvoorbeeld een gezichtje van zijn avondeten: wees creatief.

Laat je kind helpen in de keuken
Kinderen vinden het bijna altijd leuk om te helpen met koken. Ze leren dan veel en als je het samen gemaakt hebt, gaan ze het ook gemakkelijker proeven. Is jouw kind er al aan toe om te helpen? Bedenk simpele klusjes, zoals groente wassen, eitje pellen of salade mengen. En wil je kind tijdens het koken alvast wat snoepen van de paprika, wortel of tomaat? Dan heeft hij dat vast binnen! Laat hem voordat je samen gaat koken ook eens kiezen welke groente hij wilt eten.

Creëer een ontspannen sfeer
Wil je kind iets niet eten en laat hij dit duidelijk merken? Zorg dat het bordje zo staat dat je kind er net bij kan. En besteed er verder geen aandacht aan. Eet zelf rustig verder en houd de sfeer ontspannen. Je zult zien dat als je even geen aandacht aan het gedrag van je kind besteedt, hij ineens zelf zijn bord weer pakt. En zo niet? Bied dan af en toe een hapje aan. En prijs je kind als hij dat hapje neemt. Zo maak je van samen eten weer een sociaal, gezellig moment.

Duidelijk zijn over eetmoment
Eten doe je aan tafel, ook al is het iets kleins zoals een stuk fruit. Wanneer je van tafel gaat, dan is het eetmoment voorbij. Heeft je kindje niks of weinig gegeten? Prima. Ruim de tafel gewoon af. Geef niet iets extra’s tussendoor, want dan heeft hij geen trek meer bij het volgende eetmoment. Een fles melk ’s nachts kun je beter ook niet doen. Je houdt het slechte eten tijdens de maaltijd in stand als je kind erop rekent dat hij iets anders krijgt.

Schep het bord niet te vol
Als je kleine porties geeft, hoeft je kind hoeft niet tegen een berg eten op te kijken. En nog eens opscheppen kan altijd. Bekijk hier voorbeeld menu’s voor de kleintjes.

Geef het goede voorbeeld
Je kind vindt niks leuker dan jou nadoen. Laat daarom zien dat jij gezond eet en drinkt en daarvan geniet. Een hapje groente, een stukje vis, een aardappel: eet het met smaak op en vertel je kind hoe het smaakt. Laat ook zien dat je moeite hebt gedaan om het eten klaar te maken.

Een klein hapje laten proeven
Proeven hoort erbij, ook al is het maar een beetje. Een hapje is al genoeg. Het is een kwestie van oefenen, net als leren lopen of fietsen.

Ken je deze al: de ijsblokjestruc
Het is prima om datgene wat je kind wél lust vaker voor te schotelen. Maar blijf daarnaast andere smaken aanbieden. Een handige tip: vries wat je kind niet eet in een bakje voor maken van ijsblokjes. Zo kun je dat steeds in een kleine portie geven náást de maaltijd van de dag. Dan proeft je kind op een makkelijke en speelse manier weer even die nieuwe smaak. Het is niet erg als je kind het eten niet wil doorslikken, als hij het maar wel in de mond heeft gehad.

Duidelijkheid voor alles
Een kind kan iets niet willen eten terwijl hij het best lust. Soms zal het worteltje er dus prima ingaan en de andere dag wil hij het niet. Of hij wil ineens geen stamppot of pasta meer en gooit het liefst zijn hele bord door de kamer. Dat kan best frustrerend zijn als ouder. Iets anders aanbieden omdat je moe bent van het gedrag van je kind of omdat je bang dat je kind te weinig binnenkrijgt, is begrijpelijk. Maar door je kind (later) een boterham of cracker te geven houd je het slechte eten tijdens de maaltijd in stand. Op de lange termijn hebben jij én je kind er meer baat bij als je voet bij stuk houdt en je dus niets anders aanbiedt aan je kind. Zo geef je je kind duidelijkheid.

Niet toegeven aan je kind, kan betekenen dat je kind weleens met trek naar bed gaat of een paar dagen weinig eet. Dat kan geen kwaad, want een gezond kind hongert zichzelf niet uit. Hij gaat vanzelf wel eten. En morgen is er weer een dag.

Nieuwe smaak? Je kind leert proeven

Soms zal je kind wel 10 tot 15 keer moeten proeven voordat hij aan een smaak gewend is. Dat hoeft trouwens niet te betekenen dat hij alles superlekker gaat vinden. Kinderen ontwikkelen namelijk ook persoonlijke smaakvoorkeuren. Waarom je beter niet kunt dwingen? Je kind dwingen om iets op te eten werkt niet. Het kan zijn dat hij al vol zit, maar dit niet goed kan aangeven. Dan geef je hem dus eigenlijk te veel. Door je kind dwingen te eten, kan het ook zijn dat hij niet goed meer voelt wanneer hij vol zit: je verstoort als het ware zijn ‘verzadigingsgevoel’. Als je kind maar 1 hapje proeft en het blijft daarbij: prima. Straf je kind ook niet als hij iets niet wilt eten. Volgende keer beter.

Je kind blijft een moeilijke eter. Wat dan?

Maak dan een plan. Houd een tijdje bij wat je kind eet, hoeveel en hoe de maaltijden verliepen. Deze manier helpt om naar de situatie te kijken en een op maat gemaakt plan van aanpak te bedenken. Schrijf op hoe laat jullie aten, waar jullie zaten, wie zich met je kind bemoeide en welke maaltijden relatief goed verliepen. Op deze manier kun je ontdekken wanneer het beter gaat. Misschien ging het goed toen jullie eerder aten dan normaal. Of toen je een keer alleen was met je kind en je niet samen met je partner ‘bovenop’ jullie moeizaam etende kind zaten. Dan kun je bijvoorbeeld concluderen dat het beter gaat als één van jullie zich met hem bezig houdt.

Vraag gerust om hulp

Als je hulp nodig hebt, dan kun je met je vragen bij het consultatiebureau terecht. Mocht dit niet helpen, dan kan je huisarts je misschien doorverwijzen naar een diëtist, een gedragsdeskundige of kinderpsycholoog.

Bron: Het Voedingscentrum


GD Star Rating
loading...

Reageer op dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>